B. Havaux – D. Rodriguez
Personalia

Wine Personality of the Year Raymond Leroy (Ruffus): hoogtepunten interview

Als telg van het huis Leroy-Prévot stond het in de sterren geschreven dat hij in de wijnhandel zou terecht komen. Hij volgde studies in Montpellier met de bedoeling om later een goede Côte du Rhône te produceren voor Leroy-Prévot. Maar gaandeweg kreeg hij zin om terug te keren naar de eigen gouw en ‘iets creatiefs te doen’. En kijk, nu is hij Wijnpersoonlijkheid van het Jaar, 20 jaar nadat hij Ruffus creëerde.

Hij haalde tal van prijzen voor zijn wijn waaronder twee keer de hoogste score van 5 sterren in De Gids van de Belgische Wijnen en 9 medailles op de Concours Mondial van Brussel. De idee van Vino.be is altijd geweest dat de Wijnpersoonlijkheid van het Jaar een ware ambassadeur is voor de Belgische wijncultuur. Als we u vertellen dat Leroy’s Ruffus geschonken worden in een 50-tal Belgische ambassades van Parijs tot Tokyo en ook nog op de intercontinentale vluchten van Brussels Airlines, dan kunnen we stellen dat die voorwaarde letterlijk vervuld is.

Vino.be ging Raymond Leroy interviewen in zijn natuurlijke habitat: we trokken van Haulchin naar Estinnes en zo naar Binche.

We lopen eerst langs de eerste historische percelen van Ruffus in Houlchin, 20 jaar oud, vlak naast de wijnmakerij. Hoger worden nieuwe wijngaarden aangelegd door een Frans team. De wijngaard zal ten vroegste pas in 2025 in productie zal zijn. En die extra productie zal zeer welkom zijn.

Vino.be: Het is donderdagochtend 11 uur en er is nauwelijks nog een (hoge) tafel vrij in de wijnbar van het domein, is het hier altijd zo’n grote toeloop of hebt u dat speciaal voor ons georganiseerd?
Leroy: “Nee, haha, dat is zeker niet uitzonderlijk. We hebben 5.000 mensen die op een wachtlijst staan om Ruffus te kunnen kopen. Als ze dan een seintje krijgen dat ze hun wijn kunnen komen halen dan drinken ze hier meteen een glaasje. In totaal hebben we hier een passage van 70.000 mensen per jaar, dat is gemiddeld meer dan 200 per dag.”

Vino.be: Onwaarschijnlijk. Had men u dat 20 jaar geleden verteld…
Leroy: “Dan had ik het zelf niet geloofd. Ik kom van ver in feite, want ik ben begonnen met een micro-wijngaard die half mislukt is, rechtover mijn huis waar enkele are grond braak lag. Ik had in de Bourgogne 600 Pinot noir-stokken kunnen kopen en heb die daar in 1981 geplant. Ik doopte de wijngaard ‘Vignoble des Mouligneaux’. Dat was geen succes en ik heb op die manier ondervonden hoe belangrijk bodem en oriëntatie zijn. Het stukje grond bevat heel veel klei en is westelijk georiënteerd. Dat werkt niet in België, zeker niet met Pinot noir.”

(lees verder onder de foto: Raymond Leroy voor de Vignoble des Mouligneaux.)

Vino.be: Vandaar uw voorliefde voor Chardonnay…
Leroy: “Ja en voor kalkrijke bodems. En dat begint natuurlijk bij het feit dat ik een mousserende wijn wilde maken. Waarom? Omdat ik vond dat mousserend toch meer standing heeft dan stille wijn. De kans dat je wijn aan en correcte prijs kan verkopen in België leek mij ook gering met een stille wijn.”

Vino.be: De Ruffus is volgens het achteretiket een ‘Mousserende Kwaliteitswijn uit België’. Waarom geen ‘Crémant de Wallonie’?
Leroy: “Wie heeft er nu een boodschap aan een appellatie die verwijst naar een heterogeen samenraapsel van terroirs zoals Wallonië? Ik heb een heel ander terroir dan de mensen uit Luik of Namur, toch? En dan nog iets anders: ik verkoop 30% van mijn wijn in Vlaanderen. Ze associëren zich daar meer met Belgische wijn dan met Waalse.”

Vino.be: Hier in Henegouwen grond vinden is nog vrij makkelijk nemen we aan?
Leroy: “Ja, maar niet altijd grond die geschikt is. Bij Ruffus was dat een heel verhaal op zich. Ik ben mij gaan bevragen bij wijnbouwers en heb toen besloten dat ik op zoek moest naar kalkrijke gronden. Dat noemt men in Bourgogne en in de Loire vaak ‘Agaises’, vandaar de naam van mijn wijndomein: ‘Vignoble des Agaises.’ Toen ik zo’n landbouwgrond had gevonden, mooi zuidelijk georiënteerd op de koop toe, wilde de boer, Joseph Delbeke, niet verkopen en ook niet verpachten. Ik spreek over het jaar 1987, slecht wijnjaar (lacht).”

“Het heeft dan geduurd tot zijn zoon Etienne de teugels in handen kreeg. Ik ben toen opnieuw gaan praten en toen Thierry Gobillard, vriend van mij uit de Champagne nog eens kwam bevestigen dat de gronden echt ideaal waren voor wijnproductie, is hij overstag gegaan en wilde hij zelf mee investeren, samen met twee andere vrienden van mij: Joël Hugé en Michel Wanty (cfr. de WorldTour wielerploeg Wanty-Goubert, nvdr).”

(lees verder onder de foto: het nieuwe perceel dat tegen 2025 in productie komt.)

Vino.be: En vanaf toen is alles vanzelf gegaan. Nooit een mentale dip gehad, na een mindere oogst of zo?
Leroy: “Nee, in feite niet. Luister, toen ik de eerste 2 hectare had aangeplant, wat toen erg veel was in België, was ik wel wat in paniek dat het niet helemaal zou worden wat ik hoopte. Ik wilde in het begin maar 700 stokken planten om te zien wat dat gaf, want ik was de eerste in de hele streek, maar Thierry heeft mij overtuigd om me meteen te smijten. En hij had gelijk… bij de eerste oogst in 2005 zat ik meteen aan een rendement van meer dan 80 hectoliter per hectare. Dat was dus geweldig goed. Ik was de eerste die bubbels maakte in Wallonië en sindsdien is het niet meer gestopt.”

Vino.be: Is er een moment geweest dat je hebt moeten kiezen tussen de handelszaak Leroy-Prévot en Ruffus?
Leroy: “Ik heb de handelszaak zo snel mogelijk aan mijn neven gelaten met de bedoeling om mij 100% met Ruffus bezig te houden. Er is een groot verschil tussen de wijnhandel en het creatieve proces van zelf wijnmaken. Mijn hart lag bij het creatieve.”

Vino.be: We weten waar Agaises vandaan komt, maar waar komt de naam Ruffus vandaan?
Leroy: “Leuke trouvaille was dat. Bij de eerste experimentele oogst in 2003 hebben we met de familie 3.600 kg druiven opgehaald die we extern hebben laten persen. Het resultaat hebben we ‘Cuvée Seigneur Ruffus’ gedoopt, naar een legendarische krijgsheer uit de streek hier. Die naam leek in te slaan…”

Vino.be: Ben je vanzelf gegroeid naar het domein van 31 hectare dat je vandaag bent?
Leroy: “Ja alles is gestaag en organisch gegroeid, zonder overhaasting. Want in België moet je zien dat je financieel gezond blijft bij zo’n groei. En vooral: er rekening mee houden dat je te maken zal krijgen met slechte oogstjaren, zoals 2021. Eerste wilden we de kaap van 100.000 flessen halen, dan de kaap van 200.000 en vandaag zitten we aan 400.000 flessen. Dat is allemaal gelukt zonder iets af te doen aan de kwaliteit van Ruffus. Als alles goed gaat, zitten we over enkele jaren aan meer dan 35 ha.”

Vino.be: Je hebt een lijst van mensen die wachten op je wijn. Heb je dan geen zin om de prijs op te drijven of om luxe-cuvées te gaan maken?
Leroy: “De prijs opdrijven? Ik ben daar niet zo’n voorstander van. Ik wil dat Ruffus een lekker maar ook sympathiek alternatief blijft voor champagne. De kwaliteit opdrijven en luxe-cuvées uitbrengen is een ander verhaal. Waar we nu aan een rijping sur lattes van 12 maand zitten (duur van de tweede gisting op fles, nvdr) willen we die opvoeren tot 18 maand, wat de standaard is van de betere huizen in Champagne. Wat de luxe-cuvées betreft, maken we in goede jaren de millésimé, zoals de Grand Millésime 2018 die nu op de markt is. Dat zijn wijnen die een volume halen van hooguit 10.000 flessen.”

Vino.be: Je bent gezegend met twee kinderen die de fakkel willen overnemen. Wat wordt precies hun taak?

Leroy: “Arnaud en John. De twee kennen Ruffus door en door, ze werken al bij ons sinds 2010. Arnaud is informaticus en het succes van de online verkoop kan je als zijn grote verdienste zien. John is oenologie gaan studeren in Montpellier en is verantwoordelijk voor de productie. Mijn zonen klagen wel dat ik een beetje koppig ben in het doorgeven van de fakkel, maar dat loopt wel los.”

Vino.be: Inderdaad, Arnaud zegt in la Libre Belgique dat het 8 jaar geduurd heeft voor je het ouderwetse label van Ruffus wilde laten hertekenen?
Leroy: “Nobody’s perfect (lacht). Maar wat sociale media betreft mag hij volledig zijn goesting doen.”

Vino.be: Tenslotte nog dit: als je een fles bubbels mag bestellen en de prijs doet er niet toe, wat vraag je dan?
Leroy: “Ha, ik ben een Chardonnay-liefhebber, doe mij dus maar een Ruinart Blanc de Blancs!”

(lees verder onder de foto: Raymond Leroy voor zijn restaurant Le Bouchon des Agaises)

 

 

Omdat Raymond Leroy het een schande vond dat er geen restaurant meer was in het dorp waar het wijndomein gevestigd is (Estinnes-au-Mont), nam hij het pizzarestaurant over dat door covid de deuren moest sluiten en begon er met chef Pierre Kaisin (voorheen 5 jaar bij Villa Lorraine) ‘Le Bouchon des Agaises’. Het restaurant is een aanrader voor iedereen die de streek doorkruist. Noch Michelin, noch Gault-Millau kwam er ooit langs. Maar dat hoeft ook niet. Zolang wijnliefhebbers hun weg maar vinden… (zie ook: lebouchondesagaises.be)