Pedro Ballesteros MW
DIVERS

Waarom wijn in feite een soort klassiek toneel is

Wijn heeft heel veel trekken van een klassiek toneelstuk: het scenario en het decor (het terroir bij wijn) zijn gekend, maar de enscenering en de acteurs (het oogstjaar en de producent) zijn telkens weer anders.

‘Wijn is niet voor iedereen’, wordt weleens gezegd. Dat klinkt asociaal maar we nuanceren. Bierliefhebbers, spiritliefhebbers hebben hun eigen stokpaardjes. Zij houden er hun eigen lievelingsmerken op na die jaar in jaar uit dezelfde kwaliteit aanbieden. Dat kunnen de wijnliefhebbers niet zeggen. Bij wijn varieert de kwaliteit elk jaar opnieuw. Merken kiezen is moeilijk voor hen: er zijn er miljoenen verschillende en de verleiding is groot om telkens weer een ander ‘merk’ of domein te kiezen uit een andere wijnregio. Op die manier gaat de kwaliteit nog meer variëren.

Je moet dus wel gek zijn om wijnliefhebber te worden: je weet nooit welk vlees er in de kuip zit. Dat lijkt een probleem. Wel, laat nu net dit ‘probleem’ de warme kern wezen van de emotionele aantrekkingskracht van wijn. De onzekerheid bij het ontkurken van een fles voedt een niet te blussen nieuwsgierigheid. Natuurlijk, soms kan het allemaal wat té ingewikkeld worden en dan neigt de wijnliefhebber een beroep te doen op derden.

We informeren ons graag voor we iets aankopen. We hebben vaak geen precies idee welk soort wijn we willen kopen en struinen dan gewoon door de rekken. Wijn lijkt op een klassiek toneelstuk: het scenario en het decor (het terroir bij wijn) zijn gekend, maar de enscenering en de acteurs (het oogstjaar en de producent) zijn telkens weer anders. Om toeschouwers en acteurs samen te brengen zijn er de toneelcritici die ervoor zorgen dat een toneelstuk de aandacht krijgt die het verdient.

Bij de wijn gebeurt er iets dergelijks. Je hebt wijncritici en wijnwedstrijden die hun oordelen geven over wijnen. Maar waar toneelcritici zelden zullen schrijven dat de Hamlet-interpretatie van 1989 beter was dan die van 2011, is dat bij wijn courant. De wijncriticus geeft punten en vergelijkt jaren. Hij/zij schrijft bijvoorbeeld dat de Bordeaux 2017 niet zo goed is als de 2016 of 2015, maar wel gezonder en rijper fruit bevat dan de 2007. En waar de theatercriticus precies weet wie de regisseur en de acteurs zijn, heeft de wijncriticus of het jurylid dat blind proeft daar helemaal het raden naar. Zijn oordeel is daardoor objectiever.
Let op, er zijn tegenstanders van het blind proeven. Zij argumenteren dat het nodig is om de context, de appellatie van een wijn te kennen om hem te kunnen beoordelen. Ze willen daarom het etiket kunnen zien. De voorstanders argmunenteren dat een etiket te veel beïnvloedt: ofwel ken je de producent en heb je al dan geen sympathie voor hem, ofwel associeer je het design van het label met een bepaalde prijsklasse en stemt men zijn score daarop af. Zou het toeval zijn dat producenten van het duurdere niveau (‘de superpremiums’) niet graag hebben dat je hun wijnen blind proeft? Deze wijnen zie je dus minder vaak ingeschreven in concours waar er blind geproefd wordt. Ze vinden hun weg naar de consument bijna uitsluitend via de wijnpers.
De wijnen van het normale premiumniveau (8 à 18 euro) bevinden zich in een veel competitiever marktsegment. De merkbekendheid speelt hier een kleinere rol, de medaille een des te grotere. Ze moeten de concurrentie aangaan met tal van andere wijnen en andere regio’s. In dit segment bekampen wijnpers en concours elkaar eveneens. Voor dit soort wijnen heb ik de neiging om vertrouwen te schenken aan de grote concours, die enkel professionele proevers tellen onder hun juryleden. Voor alle duidelijkheid: ik doe zelf beide: ik schrijf over wijnen en ik zit als jurylid in concours.

Tenslotte heb je de goedkopere wijnen die we voornamelijk in de supermarkten vinden. Voor deze zijn de concours (en de medailles die ermee gepaard gaan) duidelijk het belangrijkste. Let op: de ene medaille is de andere niet. Er is een overtal aan lokale concours met een erg beperkte betekenis. Een medaille is niet meer waard dan de instantie die haar uitreikt. Zodus is het beter om uit te kijken naar medailles van grote concours zoals de Concours Mondial of Decanter.

Maar er is een derde weg die kan bewandeld worden: zelf de hand aan de ploeg slaan. Stap bij je wijnhandelaar binnen, laat hem je enkele wijnen aanbevelen. Volg gewoon de mond-aan-mondreclame en laat de critici en de medailles voor wat ze waard zijn. De laatste weg is echter de leukste: ga naar degustaties die aangeboden worden door wijnhandelaren en vorm zelf je eigen mening. Hoe meer je proeft, hoe makkelijker dat wordt en vooral: het is een genot op zich.