Dirk Rodriguez
Personalia

Interview met Pascaline Lepeltier: sommelier en bekendste Française in New York

Korte bio: Pascaline Lepeltier is de eerste vrouw die én Meilleur Ouvrier en Beste Sommelier van Frankrijk is geworden. Ze is rad van tong en praat razendsnel – in het Engels - maar alles uitleggen over blends in de Rhône in anderhalf uur, geïllustreerd met 16 wijnen, was zelfs voor haar te veel hooi op haar vork.

“Leuk stadje,” zegt ze over Antwerpen. “Hier is alles nog op mensenmaat.” Parisienne of wat? “Maar nee,” zegt ze, “ik werk in New York!” Dat ze zo goed Engels spreekt komt ook doordat ze al 10 jaar in the big apple werkt. Nadat ze daar Rouge Tomate op de kaart zette, ging ze werken voor Racines, waar ze mede-aandeelhouder is.

Ze is filosofe van huis uit, vandaar misschien dat ze haar discours tijdens een masterclass over Rhônewijn constant onderbreekt met de vraag: “Does this make sense?”

Die masterclass gaf ze in het MAS en het toeval wil dat we beiden naar het Centraal Station moeten en dat er een taxi voor de deur stond. Die deelden we met een derde persoon. Unieke gelegenheid voor een mini-interviewtje, nee?

Met vragen zoals dit: je gaf net een masterclas over blends in de Rhône. Akkoord dat er wat meer witte wijn mag gemaakt worden in de zuidelijke rhône?
Lepeltier: “Helemaal akkoord en ik kan het weten, ik kom uit de Loire. Haha. Uit Savennières meer bepaald.”

Waar ze de beste droge Chenin blanc maken, mag ik dat zeggen?
Lepeltier: “Ze maken daar heel goede droge Chenin Blanc, maar in feite maken ze in
Coteaux du Layon nog betere.”

Droge?
Lepeltier: “Ja, droge, maar ze mogen die natuurlijk niet op de markt brengen als Coteaux du Layon. Dat wordt dan IGP Val de Loire of Vin de France.”

Ook gek, waarom?
Lepeltier: “Omdat Anjou blanc een slechte reputatie heeft in Frankrijk.”

Over de rode rhônewijn die je liet serveren: je stelde geen enkele rode voor met Syrah als dominante druif, waarom niet?
Lepeltier: “Dat had gekund, maar de wijnen waar ik op viel hadden toevallig allemaal een dominantie van Grenache. Het klopt dat de syrah pas in de jaren ’50 in de Vaucluse werd geïntroduceerd, zoals ik zei tijdens de les, maar elders in de zuidelijke rhône had je hem overal, de druif hoort er echt wel thuis.”

Er waren veel wijnen van 2016 bij, een perfect, warm jaar, misschien te warm voor Syrah?
Lepeltier: “Misschien wel, en ik heb ook geen wijnen gevonden met lichtere druiven, zoals de Counoise. Dat was ook niet de bedoeling omdat ik de masterclass toepitste op de vier hoofddruiven van de streek. Ik vind het wel een interessante come back voor die druif (counoise), net zoals andere die minder alcohol geven, maar het is niet eenvoudig om daar een perceel mee te beplanten. Vind de plantenkweker maar die je zomaar even 6000 stokjes kan leveren. Dus die transitie naar lichtere rassen, dat neemt vele vele jaren in beslag.”

Vind je tegenwoordig nog goede wijnen bij de gewone Côtes du Rhône? Men beweert dat die wijnen te veel moeten concurreren met goedkope wijnen uit de Midi…
Lepeltier: “Wel, ik kan je zo 40 namen van gewone Côtes du Rhône en Village-producenten noemen die geweldig zijn. En die producenten worden beter en beter en doen meer en meer hun best. En weet je waarom? Omdat dat de enige manier is om concurrentie de pas af te snijden. Ze hebben het opgegeven om te spelen op de prijs, ze moeten dus wel alles zetten op de kwaliteit. Ik denk echt dat er daar in de nabije toekomst veel te ontdekken valt.”

Ok, het station ligt daar al voor ons. Blijf je nog even in België?
Lepeltier: “Zeker. Volgende week bezoek ik de brouwerijen Cantillon en 3 Fonteinen. Geuzes die niet te vinden zijn in New York. Zelfs niet voor 120$!”

Leuk, vraag met onze groeten naar een Cuvée Armand bij 3 Fonteinen…
Lepeltier: “Doe ik. By the way, waar kan ik hier vanavond ergens op café?”