D. Rodriguez – M. Vanel
Diverse
Ode aan de man die “foert” zei tegen zijn pensioen en herbegon van nul (1/2)
Philippe Grafé stak zijn laatste spaarcent in wijnranken, 10 hectare vol wijnranken waarvan niemand wist of ze ooit iets zouden opbrangen. 15 jaar later noemt men hem een visionair en krijgt hij de titel van Wine Personality of the Year.

60 jaar lang toefde hij in het wijnmilieu, waarvan de laatste 15 als grote bezieler van Domaine du Chenoy. Philippe Grafé is een persoonlijkheid die de Belgische wijnwereld in een nieuwe richting heeft gestuurd: die van de resistente rassen. Dit jaar gaf hij de teugels van Domaine du Chenoy uit handen. DM.Vino en Essentielle.Vino vonden het moment gekomen om deze visionair en koppige ‘durfal’ te eren met de titel van Belgian Wine Personality of the year. Zijn verhaal is een prachtige illustratie van de onvoorspelbaarheid van het leven. Op het moment dat hij dacht dat hij zich voor de rest van zijn dagen enkel nog zou inlaten met reizen, boeken lezen en kleinkinderen, begon het pas.

We bezoeken hem een week na zijn 81ste verjaardag (11 juli), maar zijn ogen schitteren als vanouds wanneer het woord ‘Belgische wijnbouw’ valt. Zijn passie voor mooie wijn zal nooit uitdoven. In 2003 creëerde Philippe Grafé zijn Domaine du Chenoy, waarmee hij meteen ook de pionier werd van de hybride rassen in ons land. Deze natuurlijk gekruiste wingerds, ook interspecifieke rassen genoemd, zijn doorgaans van Duitse en Zwitserse signatuur. Net als ggo’s weerstaan ze veel beter de wijngaardziekten dan de traditionele druivenrassen. Daardoor worden bestrijdingsmiddelen zo goed als overbodig wat de natuur ten goede komt. De combinatie van resistente rassen met biocultuur wordt door velen als dé wissel op de toekomst gezien. Toeval of niet: volgend jaar krijgt Domaine du Chenoy zijn biocertificaat.
Na 15 jaar geeft Philippe Grafé de fakkel door aan Jean-Bernard en Pierre-Marie Despatures en aan zijn vroegere partner Fabrice Wuyts. “De weg van du Chenoy is zeker avontuurlijk geweest, maar liep daarom nog niet over rozen,” vertelt Philippe Grafé ons in de tuin van zijn jaren-70 villa op de Citadelle van Namur.

(foto: samen met Jean-Bernard Despartures op Domaine du Chenoy)

Het begon allemaal met een Engelse wijn

Nog voor de meesten onder ons geboren werden, in 1958, mag Philippe Grafé zichzelf aandeelhouder noemen in de beroemde familiezaak van zijn ouders met kelders in de rots van de Citadelle : ‘Vins Grafé-Lecocq’. Grafé-Lecocq vulde lege eiken vaten met beroemde appellatiewijnen (Gevrey-Chambertin, Meursault, Châteauneuf-du-Pape, Hermitage…) en liet die rijpen onder de Citadelle. Men kocht de wijnen in bulk en bottelde ze in België, iets wat nu door de Franse wijnautoriteiten verboden is. Met een humanioradiploma op zak, deed hij ervaring op bij een Nederlandse wijninvoerder. Later kon hij aan de slag bij Joseph Drouhin in Bourgogne en volgde hij een technische wijnopleiding in Beaune aan het ‘Station Œnologique’.

Grafé: “Het waren in feite erg mooie tijden en ik herinner me dat de reizen met mijn ouders altijd in het teken stonden van de wijn. Een van de mooiste momenten was een familiediner op Château Trotanoy bij Jean-Pierre Moueix die toen net Château Pétrus had overgenomen. Zo’n etentjes gebeurden in die tijd zonder veel formaliteiten. Ik herinner me ook dat ik de stand van Grafé-Lecocq op de Wereldtentoonstelling van 1958 op de Heizel moest runnen. Ik stond toen naast de stand van Fourcroy, toen de grootste wijnhandel van het land, nu opgedoekt. Jammer, Alfred Fourcroy was een bewonderenswaardige man.”

Meer dan 40 jaar werkte Philippe Grafé voor de familiezaak maar toen hij zijn aandelen wilde verkopen, merkte hij dat hij fors benadeeld was geweest door een familielid. Over dat gevoelige familiethema wil Philippe Grafé niet meer praten. Maar het is duidelijk dat hij met een slecht gevoel bleef zitten: hij had zich een leven lang ingezet voor de verkeerde zaak. Alleen had hij geen idee wat hij moest aanvangen met zijn pensioen en de rest van zijn leven.
Grafé: «Toen ik op 63-jarige leeftijd met pensioen vertrok bij Grafé-Lecocq had ik geen enkel idee wat ik nog zou gaan doen behalve boeken lezen en wat reizen. Tot ik op een dag een bijzonder lekkere witte wijn proefde uit het Engelse Cornwall, gemaakt van hybride Seyval-druiven. 40 jaar in het vak, maar ik had nog nooit gehoord van Seyval! Als dit mogelijk is in Engeland, dan moeten er toch ook geweldige opportuniteiten bestaan in België, dacht ik bij mezelf. Ik surfde op het internet en kwam in contact met een jonge Luxemburgse oenoloog die net terug was van een stage uit de Duitse Pfalz. Via hem kwam ik op het spoor van nog meer hybride rassen. Ik leerde ook dat nieuwe soorten na jarenlang onderzoek officieel erkend konden worden door de Duitse wijnautoriteit (de ‘Bundessortenamt’, nvdr). Ik ben toen naar de wijnbouwinstituten van Geiwelerhof en Freiburg gereden en heb de wijnstokkenteler Volker Freytag ontmoet. Ik ging ook proeven bij producenten en raakte almaar meer overtuigd dat de wijnen op basis van hybride rassen de toekomst waren. En dit om drie redenen: ze zijn resistenter tegen ziekten, ze leveren kwaliteitswijn op en ze zijn beter gewapend tegen de verandering van het klimaat.”

“De volgende stap was natuurlijk een geschikt perceel vinden in ons land om zelf met wijnbouw te kunnen beginnen. Een vriend vertelde me over een terrein van 10 hectare rondom een verlaten hoeve in de buurt van Namur: het was liefde op het eerste zicht. Eén probleempje: de eigenaar wilde niet verkopen, hij wilde enkel ruilen voor een ander stuk grond. Toen er wat verder voor 18 hectare landbouwgrond te koop kwam, zag ik mijn kans schoon. Voor exact 252.000 euro heb ik mijn 10 hectare op de kop kunnen tikken, gebouwen inbegrepen! Natuurlijk moest het echte werk toen nog beginnen. De aanplant bijvoorbeeld: dat was niet simpel omdat er gewoonweg niet zoveel hybride wijnstokken beschikbaar waren. Van sommige soorten bestonden er zelfs in Duitsland amper enkele honderden stokjes.

125 kilometer ijzerdraad

In 2003, 65 lentes jong, start Philippe Grafé met de aanplant van 3 hectare Regent omdat die soort vlot te verkrijgen was, en nog eens 3 hectare met een mengelmoes van soorten: Solaris (1 ha), Johanniter (0,75 ha) en telkens 0,5 ha Merzling, Bronner en Helios. Deze druivenrassen waren al sinds 1996 erkend als vitis vinifera. “Als debutant zes hectare in één keer beplanten was gekkenwerk,” herinnert Grafé zich nog levendig, “Om de 5 wijnstokken moest er een paal in de grond geslagen worden en in totaal moesten we 125 kilometer ijzerdraad trekken! In de maand augustus 2003, na de aanplant, kregen we dan af te rekenen met een verschrikkelijk onweer. Na het onweer vonden we nauwelijks nog wijnstokken terug. Vooral een vroeger gezaaid gewas, seneblad, schoot hoog op. Het heeft me 10.000 euro gekost om dat gewas met de hand te laten verwijderen. Het jaar daarop heb ik 8000 Pinotin-stokken geplant, een druivenras dat in 1991 in Zwitserland was gecreëerd en pas veel later, in 2010 als vitis vinifera erkend werd. In 2005 waren de 10 hectare compleet met nog 5000 stokken Rondo en 3000 stokken Cabertin.”

(foto: Domaine du Chenoy anno 2018)

“Er zit ook een stukje oorlog in het verhaal van de hybride rassen. In feite werden alle Duitse rassen die ik gebruik al in de jaren ’30 in Frankrijk gecreëerd en naar Duitsland gebracht tijdens de oorlog. Het is niet normaal dat we die rassen nog steeds ‘hybride’ noemen. Doordat de druivenrassen het resultaat zijn van veel natuurlijke en slechts enkele menselijke kruisingen zien we dat het gnoom van de Regent slechts 40 ‘wilde’ botanische genen bevat op een totaal van verschillende 640 genen. Daarom ook dat Duitsland de soort erkend heeft als vitis vinifera. Dat statuut van ‘vitis vinifera’ was belangrijk voor mij want ik wist dat het Waalse Gewest op het punt stond een Waalse wijnappellatie in het leven te roepen.”
“Ben ik een visionair? Misschien eerder een revolutionair in de zin dat ik niet geloof dat traditie en behoudsgezindheid volstaan om kwaliteitswijn te maken. Ik vond het opwindend om te bewijzen dat wijnbouw in België mogelijk was, niet alleen voor de productie van mousserende en witte wijn, maar ook voor rood en rosé. En dat zonder het gebruik van chemische middelen. Hybride rassen waren nieuw in ons land toen ik begon. Tot op vandaag heeft geen enkele andere wijnbouwer 7 hectare blauwe rassen durven aanplanten in België. Zelfs in Luxemburg is het ongezien.”

Volgende week: De harde weg naar de eerste successen.

Vino’s Hall of Fame

De titel Belgian Wine Personality of the Year wordt sinds 2009 uitgereikt aan een Belg die zich in de wijn wereld heeft onderscheiden. De laureaten:
2009 – Justin Onclin
2010 – Filip Verheyden
2011 – Alfred Bonnie
2012 – Carol Duval-Leroy
2013 – José Lemahieu
2014 – William Wouters
2015 – Jacques De Schepper
2016 – Eric Boschman
2017 – Jean-Marie Guffens
2018 – Philippe Grafé