Pedro Ballesteros MW
Regio
Klein Andorra, grote wijn
Andorra associëren de meesten onder ons met fiscaal vluchtgeld en een Pyreneeënetappe in de Tour, niet met wijn. Toch beschikt Andorra over een sjiek terroir.

In de ogen van de Spanjaarden is Andorra beroemd om zijn sneeuw, maar het ligt zuidelijker dan Zwitserland: het ligt ter hoogte van de Chianti-regio. Het is er bergachtig, maar herinner u wat Virgilius schreef: ‘Bacchus houdt van de heuvels.’ De beste wijn komt van steile hellingen. Hier zitten we natuurlijk echt wel hoog: tussen de 840 en de 1250 meter. Dat brengt mee dat de temperaturen er het jaar rond aan de frisse kant zijn. Vandaar dat de beste wijngaarden zuidelijk georiënteerd zijn. Het klopt dat de lente later komt en de winter vroeger, maar de wijnbouwers hebben zich aangepast met druiven met een korte vegetatieve cyclus. Monniken, ja zij weer, produceerden hier duizend jaar geleden al wijn in Sant Julià de Lòria, het meest Mediterrane stadje van de ministaat.

Maar de wijnproductie werd pas recent weer opgestart, net als in België, waarom? Omdat wijnbouw hier meer inspanningen vergt dan beneden in de vlakte. Maar er is nog een andere reden: tabaksteelt brengt hier veel op omdat alle verkoop van tabak in Andorra dutyfree is. Dat betekent een vette stroom inkomsten uit Frankrijk en Spanje. Ook langs de steilere hellingen waarop tabaksteelt onmogelijk was, maakte men geen wijn, men liet er vee grazen. Dat veranderde eind jaren ’90 toen een aantal pioniers hun geld en zweet investeerden in een nieuw wijnavontuur.

Wijnen uit Andorra kunnen goed of slecht zijn, maar goedkoop zijn ze nooit. Reden: wijn verbouwen is hier arbeidsintensief en de uurlonen zijn hoog. Daarnaast geldt dat Andorra rijk is en dat de ingezetenen veel willen ophoesten voor een flesje van eigen bodem. Belgische wijn is om dezelfde reden duur: eigen wijn is zeldzaam en gegeerd en de productiefactoren, waaronder land en arbeid, zijn erg kostelijk.

In Andorra tellen we na 20 jaar exact 4 wijnbouwers, die alle premiumwijnen maken met een sterke persoonlijkheid.

Borda Sabaté is de oudste en tevens de grootste producent. Hij investeerde ook het meeste geld in zijn wijngoed. Eerlijk, ik heb nooit zo’n kleine wijnkelder gezien die zo goed uitgerust was als deze van Borda Sabaté. Zijn wijngaarden zijn ook een genot voor het oog. Borda legde met veel geduld terrassen aan op de hellingen en bestudeerde zorgvuldig hun oriëntatie ten opzichte van de zon. Als u ooit de gelegenheid hebt om de wijngaarden van Andorra te bezichtigen, onthoud dan deze naam: Solà de la Muxella. Het huis maakt slechts twee wijnen, een riesling genaamd ‘Escol’ (fris, evenwichtig, sappig en zuiver, binnen de 3 jaar te drinken), en een rode die ‘Torb’ gedoopt werd, een blend die ondermeer het Zwitserse druivenras Cornalin bevat. Je proeft er als het ware het berglandschap in door het frisse rode fruit, de lichtje vegetale toets en de stimulerende zuurtegraad.

Casa Auvinyà produceert minder dan 4000 flessen, maar wel drie verschillende referenties. De witte is een gedurfde combinatie van Albariño, Pinot gris en Viognier en heeft een intrigerende neus gevolgd door een palet van appeltjes en citrus. Bij de rode wijnen gaat mijn voorkeur uit naar de Pinot noir met de naam ‘Evoluciò’: de wijn is smakelijk, open, expressief, met het franke karakter van een jonge Villages-wijn uit de Bourgogne.

Bij Celler Mas Berenguer provoceert men graag. Een van hun wijnen draagt de naam ‘Cortò-Charlemagne’; en het is zoals u kan raden een Chardonnay die rijpte op eiken vaten. Persoonlijk had ik een voorkeur voor hun schuimwijnen. De wijngaard ziet er bijzonder uit, helemaal overdekt met tuinaarde.

Een wijn die me ingepakt heeft is de ‘Cim de Cel’ van wijnbouwer Casa Beal, een 100% Gewürztraminer met een neus van lychee en rozenblaadjes, een goed gedoseerde aciditeit en een erg precieze finale.

Vier wijnhuizen, vier verschillende stijlen, een tiental wijnen, een erg lage productie. Maar toch bijzonder genietbaar. Je weet nooit om welke reden je erlangs rijdt: fietsliefhebber, pelgrim, supporter van de Rode Duivels, bankkluis van een rijke oom… Een verwittigd toerist drinkt twee keer zo lekker.